De Vrouwenrechtswinkel Nijmegen viert in september het twintigjarig bestaan. Jaarlijks krijgen hier ruim 250 vrouwen juridisch advies, vooral over relatie- en werkproblemen. 'Onze informatie geeft hun kracht.'
Een warme dinsdagavond. Juriste Alda Rutten (56) begroet rechtenstudente Prihan Çaluk (24), met wie ze vanavond samen spreekuur houdt. Vier keer per week kunnen vrouwen terecht bij de Vrouwenrechtswinkel Nijmegen, gevestigd op de begane grond van een woon-werkpand met meerdere bedrijfjes. Voordat de eerste afspraak staat gepland, bespreken de twee vrijwilligsters nog even wie ze vanavond kunnen verwachten. Terwijl Rutten ter voorbereiding informatie opzoekt in juridisch naslagwerk De grote almanak ('ons wonderboek'), belt Çaluk een cliente die nog een vraag bij haar had uitstaan. Deze vrouw is verlaten door haar vriend. Jaren geleden - toen hij een eigen bedrijf begon - zegde ze haar baan op om voor hun kinderen te zorgen. Nu ze uit elkaar zijn, vraagt ze zich af of ze recht heeft op alimentatie.
'Wat aardig dat je terugbelt!' roept ze uit. 'Ik heb het nagezocht,' zegt Çaluk. 'Volgens de wet hebt u geen recht op alimentatie omdat u geen samenlevingscontract had. U zou aan een advocaat kunnen voorleggen of hij "ongerechtvaardigde verrijking" kan aanvoeren: uw vriend kon immers zijn werk beter doen omdat u voor de kinderen zorgde. Maar houd er rekening mee dat rechters hier vaak niet in meegaan. Zij zullen zeggen dat het uw eigen keuze was om niks op papier te zetten.' De vrouw heeft inmiddels zelf ontdekt dat ze ook al geen recht op kinderalimentatie heeft, omdat haar ene kind boven de 21 is en het andere al door haar ex wordt onderhouden. Ze wil nog wel weten of ze haar ex geld kan vragen voor hun woning, die op beider naam staat en waar hij nu met zijn nieuwe vriendin woont. 'Daar hebt u zeker recht op,' zegt Çaluk. De vrouw dankt haar hartelijk. 'Ik weet nu hoe mijn kansen liggen.'
'Omdat steeds minder mensen trouwen, krijgen we steeds meer vragen over het verbreken van relaties waarbij niks geregeld was en over het beëindigen van samenlevingcontracten,' zegt bestuurslid en rechtenstudente Anneclaire Cramer (27), die inmiddels ook is binnengekomen. 'De man heeft bij het opstellen van een contract meestal beter op zijn rechten gelet dan de vrouw. Ook als er niets op papier staat, trekken vrouwen vaak aan het kortste eind, omdat mannen nog steeds beter voor zichzelf opkomen. Omdat er over eenvoudige juridische kwesties inmiddels veel informatie op internet staat, worden de vragen die wij krijgen steeds ingewikkelder. Zo horen we geregeld dat na een scheiding de omgangsregeling van de ex met de kinderen problemen geeft. Hij houdt zich bijvoorbeeld niet aan de afspraken.'
Vaak wordt de twintig vrijwilligsters gevraagd of de Vrouwenrechtswinkel nog wel bestaansrecht heeft. Vrouwen zijn immers steeds zelfstandiger. Zouden zij niet net zo goed bij een algemene rechtswinkel of het juridisch loket van de gemeente terecht kunnen? 'Voor sommige problemen wel,' zegt Cramer. 'Maar na bijvoorbeeld bedreiging of mishandeling kan het prettig zijn als je weet dat je een veilige steef treft met alleen vrouwelijke medewerkers. Bovendien hebben veel vrouwen weinig benul van financiële zaken en geven zij zichzelf vaak de schuld van hun problemen. Wij hebben specifieke kennis van hun rechten en wijzen ze daarop. Ze zijn de afgelopen jaren wel mondiger geworden, maar delven bij conflicten toch nog vaak het onderspit.'
Inmiddels staan de eerste bezoekers voor de deur, een 48-jarige vrouw en haar volwassen dochter. 'U weet wat de Vrouwenrechtswinkel inhoudt?' begint Çaluk het gesprek. 'Wij werken vooral met rechtenstudenten, dus wij weten niet alles. Als wij niet meteen antwoord hebben op uw vraag, bespreken wij die in onze vergadering en bellen wij u terug.'
De moeder, op het eerste gezicht stoer en vrolijk, vertelt dat ze zes jaar geleden een gesubsidieerde baan kreeg. Na drie jaar werd ze depressief en belandde ze in de ziektewet.Langzaam krabbelde ze weer op, maar anderhalf jaar geleden moest ze zich opnieuw ziekmelden. Ze werd opgenomen in een psychiatrische inrichting. Dit voorjaar liet personeelszaken weten dat ze in de wia zou komen omdat ze meer dan een jaar thuiszat. Vanaf dat moment kreeg ze nog maar 70 procent van haar inkomen. 'Dat was nog tot daar aan toe, maar in juni kreeg ik ineens van de arboarts te horen dat er ontslag voor me was aangevraagd in verband met een reorganisatie. Zo'n pokkenstreek om dat achter mijn rug te doen! Wat moet ik daar nou mee?'
Nadat Rutten wat heeft doorgevraagd en de meegenomen brieven heeft gelezen, raadt ze de vrouw aan bij personeelszaken om opheldering te vragen, liefst met haar dochter erbij. 'Dat neemt de onrust weg.' Helaas is de vrouw geen lid van een vakbond die haar kan ondersteunen. 'En als ze me inderdaad willen ontslaan?' vraagt ze. 'Dan zou u een advocaat in de arm kunnen nemen, maar tegen ontslag bij reorganisatie is niet veel te beginnen,' legt Rutten uit.
Ze probeert te achterhalen waarom de vrouw zo kwaad is dat ze ontslagen wordt, hoewel ze al jarenlang niet in staat is om te werken. 'Ze gebruikten me als secretaresse, terwijl ik dat helemaal niet was,' verteld de vrouw. 'Ik werd gek van iedereen die een beroep op me deed, maar ik deed lange tijd braaf wat ze me vroegen. Toen ik op een dag "nee" zei, werden ze kwaad.'
Rutten toont begrip, maar wijst er ook op dat de vrouw zelf tijdig haar grenzen had moeten aangeven. 'Als u bij personeelszaken bent geweest en u hebt nog vragen, kunt u altijd nog eens terugkomen.'
'Het aantal vragen op werkgebied is toegenomen omdat steeds meer vrouwen buitenshuis werken,' verteld Rutten als moeder en dochter zijn vertrokken. 'Zo spreken we geregeld vrouwen die minder willen werken, maar daarbij op weerstand van hun baas stuiten. Laatst kwam hier iemand die wel toestemming had gekregen, maar in haar nieuwe contract bleek haar vaste aanstelling te zijn omgezet in een tijdelijke. We kennen ook verhalen van vrouwen die bij functieherwaardering in de zorg leger zijn ingeschaald dan mannen, omdat die zogenaamd meer tilwerk deden. Bij dit soort problemen adviseren wij altijd om eerst te gaan praten met bijvoorbeeld de arbodienst of de ondernemingsraad, want als je te snel een advocaat inschakelt, kan dat de arbeidsverhouding onnodig schaden. Soms ondersteunen de onze cliënten door een brief te schrijven of mee te gaan naar een gesprek.'
De telefoon gaat. Het is een vrouw die haar relatie wil beëindigen omdat ze door haar vriend wordt bedreigd. Ze heeft al eerder gebeld, omdat ze niet goed begrijpt wat er in haar samenlevingscontract staat. Rutten heeft haar gevraagd langs te komen, maar dat durft ze niet, uit angst dat haar vriend zal vragen waar ze geweest is. Ze belt nu vanaf haar sportclub. 'Ik begrijp niet goed of ik mede-eigenaar van het huis ben,' zegt de vrouw. Rutten vraagt haar de passage daarover voor te lezen. Ze concludeert dat de woning van hen samen is, maar de zin over wat er moet gebeuren als beide partners uit elkaar gaan, is niet helder geformuleerd. 'Als u daar zekerheid over wilt, kunt u het beste contact opnemen met uw notaris. Mocht hij daar geld voor rekenen, dan kunt u ook de notaristelefoon bellen.'
'Dat is een goed advies, dat ga ik doen,' reageert de vrouw. 'En let erop dat er voordat u uit elkaar gaat niet ineens geld van uw gemeenschappelijke rekening verdwijnt,' waarschuwt Rutten. 'Ik weet dat je voorafgaand aan een scheiding niet straffeloos geld van een gezamenlijke rekening kan halen. Hoe dat bij uw samenlevingscontract zit, kan ik voor u uitzoeken, maar ook dat kunt u aan uw notaris vragen.' 'Heel erg bedankt, ik ben weer een stapje verder,' zegt de vrouw. 'Bel maar als je nog andere vragen hebt,' benadrukt Rutten.
Tevreden legt ze de hoorn op de haak. 'Onze informatie maakt vrouwen sterker,' zegt ze. 'Een goed voorbeeld is een cliënte die haar ex - de vader van haar oudste kind - weer in huis genomen had. Hij begon haar en de kinderen te bedreigen. We hebben haar aangeraden aangifte te doen op naam en adres, en aan de buren te vragen of ze de politie wilden bellen zodra ze geschreeuw hoorden. Twee weken later liet ze ons weten dat haar ex vrijwillig het pand had verlaten. Hij voelde waarschijnlijk nattigheid omdat zij ineens zoveel rustiger en zelfverzekerder was. Dat ze wist wat haar te doen stond, gaf haar kracht.'